De heerlijke humor van het herenuurtje

— 3 september 2026–
De deelnemers van het herenuurtje bij woonzorgcentrum Franciscus in Ootmarsum zitten elke woensdagmorgen om 10 uur paraat. Niet veel later schalt hun bulderende lach al door de gangen.

“De woensdagmorgen is heilig voor de deelnemers aan het herenuurtje”, zegt Jan Sleiderink, die samen met Ben Bodde en Chris Mulstege het mannengroepje leidt. “Dat weten we dankzij corona. We moesten toen noodgedwongen stoppen. Maar zodra het weer mocht, kwamen de heren al heel snel opdagen. Ze hadden de gesprekken echt gemist.”

Trouwe groep

Het herenuurtje bestaat twintig jaar, maar Jan is twaalf jaar geleden aangehaakt als vrijwilliger. Daar heeft hij zeker geen spijt van. “Het is een trouwe groep. Respectvol ook. Als iemand het woord neemt, zijn de anderen gewoon stil. Vroeger werd er bij de herenclub een hamer gebruikt. Maar dat is inmiddels verleden tijd. Het is hier geen dictatuur. Iedereen krijgt de gelegenheid om zich te uiten.”

Nieuwe gezichten

Vrijwilligers halen de deelnemers op van de verschillende afdelingen. “We kijken vooraf altijd even of iemand goed in het herengroepje past”, vertelt Jan. Regelmatig sluiten nieuwe gezichten aan. “Maar twaalf deelnemers is echt het maximum”, zegt Jan.

Waarover praten zij?

Gespreksstof hebben de heren genoeg. De mannen praten over het weer, over hun gezondheid en over het werk dat ze vroeger deden bij Van Heek, Gelderman of de Damastfabriek. “De onderwerpen komen vanzelf op tafel”, zegt Jan. “Als het té rumoerig wordt, grijp ik weleens in. Bijvoorbeeld bij onderwerpen als politiek of maatschappelijke kwesties. Iedereen mag daarin een eigen mening hebben, zolang we respectvol met elkaar omgaan.”

Volop ruimte voor humor

Er wordt vooral veel gelachen tijdens het mannenuurtje. Frans zegt: “Ik was vroeger op m’n werk vrij arrogant, maar nu ben ik de meest sympathieke man die ik ken.” De mannen liggen in een deuk. De fotograaf maakt nog een laatste foto. Eén van de deelnemers roept: “Die foto’s worden vast verkocht aan de ongediertebestrijding!” En opnieuw buldert de lach door de gangen van Franciscus.

 

Deel of print